Koningsontbijt deugt niet?

Een feestontbijt, màg dat eens ’n beetje zoet en verkeerd zijn? Moeten ouders en opvoeders nu fronsend in de clinch gaan met bedenkers en leverancier? Bang dat hun kinderen te weinig van het één en te veel van het ander binnenkrijgen, bang voor het psychologische aspect (feesteten is inherent aan ongezond voedsel)?
En dan de angst voor sluikreclame; denken de voedingsraden heus dat de kinderzieltjes voorgoed verkocht en verpest zijn?  Kinderen kunnen thuis nog genoeg gezonde ontbijtjes eten en degenen die dat niet krijgen zijn misschien al blij dàt ze een ontbijt hebben.
Met alle respect voor de voedseldeskundigen en hun adviezen, ze zullen wel gelijk hebben.  Maar je wordt zo moe van ze.  De voorschriften komen zo dwingend over, je gaat je onderhand schuldig voelen als je je kind per ongeluk een snoepje geeft.
Er zijn situaties dat ze zich beter even kunnen inhouden.  Zoals op deze feestdag.

Advertenties

Het dierlijke in de mens


” De mot in de maag hebben – vaak honger hebben” .
Bij het lezen hiervan kwam onze kindertijd me voor de geest.
Lange lijzen waren we die hard groeiden en knorrend keken we dagelijks uit naar de maaltijden.
Als haviken hielden we moeder in de gaten en zodra ze naar het tafellaken reikte stortten we ons als wolven op haar.
Hongerig verslonden we brood na brood, de ene mud aardappelen na de andere, we waren jaloerser dan de hond die naar andermans bak loerde en net zo vraatzuchtig.
Vechtend om restjes uit de puddingpan gromden we verbeten en.
tenslotte rolden we spinnend in het gras.
De mot sliep.

Restjes


Het is maar goed dat ik niet aan goede voornemens deed zoals afvallen, het strookt gewoon niet met mijn Hollandse zuinigheid. En verstandig eten hoort daar ook bij.
Al die restjes snacks in de diepvries (die te vol was),  kaasjes en worsten in de koelkast (die kraakte in zijn voegen), flessen in de kelder (die ruim genoeg was 😉 ), die kun je toch niet laten liggen tot ze over datum zijn of bedorven? Zonde van de goede waren.
Dus eet ik, ondanks verstandige schema’s, bijna dagelijks teveel. O, een heel klein beetje hoor maar toch onnodig overdadig,
Gelukkig schiet het op; de frituurartikelen zijn aan de laatste bitterbal toe evenals de miniloempia’s. Er is nog één stukje Franse kaas en de kelder is zo goed als leeg, van de laatste kerststol is nog één korstje over.
Een grote opluchting gloort.  Dan kan ik eindelijk aan het volkoren brood met kaas 20+ en magere wortelen met slablaadjes en dunne pap …ehh…
gadverdamme, wat een akelig vooruitzicht.