Kort taalstukje


Taal leeft.
Of liever gezegd: de mens leeft. Hij beweegt en neemt zijn taal mee naar anderstaligen.
Het is dan ook te verwachten dat er buitenlandse woorden in elke taal binnensluipen.
Heel goed, het houdt de gesprekken en het menselijk verkeer levendig.
Soms kom je een leenwoord tegen dat stoort waarvan niet uit te leggen valt om welke reden.
‘Kids’ bijvoorbeeld was berucht; het verbaast dan ook niet dat het minder gebezigd wordt. Of ik vang het niet meer op.
Ook kom je af en toe dergelijke woorden tegen uit eigen taal; het nog steeds gebruikte ‘bips’ doet me steigeren en ook hier is het gissen naar het waarom. Ik weet het domweg niet.
Vloeken kunnen eveneens irriteren net als gemene scheldwoorden, het gebruik behoort dan ook niet tot de gewone gespreks-taal al denken sommige mensen daar anders over. Maar, toegegeven, in deze sector zijn af en toe mooie vondsten te beluisteren. ‘Alternatieve kakmadam‘ was een vermakelijke uitdrukking, geroepen naar de bazige leidster van een spiritueel groepje.  De meeste mensen kennen een vergelijkbaar voorbeeld.
Taal gaat niet altijd mee met ieders smaak maar het is het handigste communicatiemiddel.

Advertenties

Taal leeft


Jaren zeventig
zei kind dat de inhoud van een nieuw merk broodsmeersel bekeek : goeie pasta mam, lekker veel chocola!
En ik dacht, tevreden: ha fijn, hij lust het.

Ja, ik weet dat pasta een Italiaanse deegwaar is en als zodanig de Nederlandse betekenis verdrongen heeft. Ik weet ook dat ‘content ‘ niet meer ‘tevreden’ betekent en nog meer van dat.
Dat wil nog  niet zeggen dat ik er blij mee ben. Maar wat doe ik er aan.